Koppelteken

Waarom is  oud-burgemeester en ex-burgemeester (met koppelteken) en locoburgemeester (zonder koppelteken)?

Een afleiding met een voorvoegsel van Griekse of Latijnse (loco, pro) oorsprong behandelen we als een samenstelling. Dus schrijven we de woorden aaneen. Bij een klinkerbotsing krijgt de afleiding een koppelteken.

Na de voorvoegsels bijna-, niet-, non-, oud- en ex- komt een koppelteken:
* bijna-ongeluk
* oud-burgemeester
* ex-leerling

Na de voorvoegsels aspirant-, substituut-, adjunct-, chef-, kandidaat-, assistent-, stagiair-, leerling- en collega- ook:
*
stagiair-verpleegkundige
* kandidaat-notaris, assistent-manager
* chef-kok
*assistent-redacteur
* adjunct-directeur

Hoe vervoeging we Google?

Bij werkwoorden die in het Engels op -le eindigen, wordt de uitgang vaak vernederlandst tot -elenscrabble wordt scrabbelen, tackle wordt tackelen, settle wordt settelen en Google wordt volgens de officiële spelling (Groene Boekje) googelen.

Ik googel, jij googelt, ik heb gegoogeld.

Let op: de hoofdletter van de eigennaam Google vervalt in het werkwoord.

Is het Maurices taalcursus, Maurice’ taalcursus of Maurice’s taalcursus?

Hoofdregel

Bezit -s aan de naam vast
Als de slotklank van de naam er geen last van heeft, schrijf je de s er gewoon aan vast.
Bijvoorbeeld Hemans huis, Peters hardloopschoenen, Tims garage, Merels tas.

Uitzonderingen

Apostrof -s
Als de naam eindigt op een klinker waarvan de klank zou veranderen als je er een S aan vastplakt, gebruik je een apostrof.
Bijvoorbeeld: Xandra’s kinderen, Marco’s fiets, Henny’s schilderij, Ria’s boek

– Als de naam een afkorting is, gebruik je ook een apostrof: A.F.Th.’s boek.

 Alleen apostrof, geen s
Als de naam eindigt op een S of een andere hoorbare s-klank, zet je alleen een apostrof achter de naam.
Bijvoorbeeld: Tomas’ fiets, Guus’ tekening,  Inez’ kamer, Maurice’ taalcursus, Bush’ vader.

S aan het woord vast
Ook als een (vaak Franse) naam op een niet-uitgesproken x of z eindigt, schrijf je een s aan het woord vast.
Bijvoorbeeld: De gruweldaad van Doutroux = Doutrouxs gruweldaad

 

Wat is de juiste spelling van ‘een klein diner’: dinertje of dineetje?

Dinertje is juist. Tot 2005 was dineetje de officiële spelling, daarna werd het dinertje.

De regel luidt: Franse leenwoorden die eindigen op -ir, -ier en -er krijgen de uitgang  -tje.

Enkele voorbeelden zijn:

  • atelier – ateliertje
  • cabaretier – cabaretiertje
  • diner – dinertje
  • dejeuner – dejeunertje
  • foyer – foyertje
  • premier – premiertje
  • presse-papier – presse-papiertje
  • souper – soupertje
  • souvenir – souvenirtje

We gebruiken in het Nederlands werkwoorden die bestaan uit een afkorting waarvan we de afzonderlijke letters ook als afkorting uitspreken. Denk onder meer aan sms-en, dtp-en en cc-en.
Dergelijke werkwoorden krijgen een speciale behandeling:

De vuistregel is: zorg dat de afkorting herkenbaar wordt gescheiden van de rest van het woord. Voor een voltooid deelwoord betekent het dat je “ge-” (met streepje) ervoor zet. De werkwoorduitgangen “t”, “d” en “en” worden voorafgegaan door een apostrof. Zo zie je waar de afkorting ophoudt.

Vervolgens geldt de regel van ’t kofschip:
* Sms eindigt op een s en krijgt een t in ge-sms’t
* dtp eindigt op een p en krijgt een d in ge-dtp’d

cc-en
ik cc, hij cc’t, ik cc’de, ik heb ge-cc’d

dtp-en
ik dtp, hij dtp’t, ik dtp’de, ik heb ge-dtp’d

rt’en (retweeten bij Twitter of ‘remedial teaching’ lesgeven)
ik rt, hij rt’t, ik rt’de, ik heb ge-rt’d
(spreek uit: ge-erteed)

Gebruiken we deze afkortingswoorden als verkleinwoord, krijgen we een ‘tje erachter.
sms’je, cc’tje, rt’tje, A4’tje, pc’tje, etc.

Wat is juist: Wii-en, wiiën of wiien?

Het werkwoord wiiën (spelen met de spelcomputer) krijgt een trema.

De juiste vervoeging van wiiën is:

  • ik wii – ik wiide
  • jij/hij/zij wiit – jij/hij/zij wiide
  • wij/jullie/zij wiiën – wij/jullie/zij wiiden
  • jij hebt gewiid
  • de wiiënde kinderen

Je volgt dus de normale spellingsregels met als stam Wii.
De stam krijg geen koppelteken omdat een koppelteken nooit aan een ‘echt’ woord wordt toegevoegd. Het schrijven van een koppelteken duidt erop dat een woordcombinatie een samenstelling is (een woordcombinatie waarvan de delen ook los kunnen voorkomen), terwijl wiiën een afleiding is: een grondwoord (wii) en een achtervoegsel.

Wiiën schrijven we ook niet als wii’en. Dit is fout omdat Wii geen afkorting is. Was het wel een afkorting geweest dan zou het wii’en zijn. Net als sms’en.

In het werkwoord wiiën is de hoofdletter van de eigennaam Wii overigens weggevallen. De hoofdletter van een eigennaam valt altijd weg als er een werkwoord van wordt afgeleid; vergelijk sonjabakkeren.

 

Koninginnedag schrijven we met een hoofdletter K.

Namen van feestdagen en (vaak religieuze) feesten krijgen namelijk een hoofdletter: PasenKerstmisSuikerfeestOfferfeestChanoeka,  MoederdagNieuwjaar, Hemelvaart, enz.

Volgens de officiële spellingregels  worden “informele aanduidingen” van feestdagen echter met een kleine letter geschreven. Dus Koninginnedag is wel met een hoofdletter, maar koninginnefeest niet. Kerstmis is met een hoofdletter, maar de verkorte vorm kerst en de ‘informele’ feestdag eerste kerstdag niet; het officiële Werelddierendag wel, maar het ‘informele’ dierendag niet. Het is ook Pasen, maar paasdagen.

Bron: Onze Taal

Als de combinatie van woorden in z’n geheel een begrip is, worden alle woorden met koppeltekens verbonden.

  • jip- en-janneketaal
  • gooi-en-smijtwerk
  • hang-en-sluitwerk
  • hans-en-grietjehuis
  • huis-aan-huisblad
  • jeu-de-boulesbaan
  • jip-en-janneketaal
  • kat-en-muisspel
  • kip-of-eivraage
  • lach-of-ik-schietshow
  • mond-en-klauwzeer
  • mond-op-mondbeademing
  • mond-tot-mondreclame
  • nek-aan-nekrace
  • normen-en-waardendebat
  • ot-en-sienkleding
  • peper-en-zoutstel
  • poep-en-pieshumor

Wat is correct ‘Een aantal is’
of ‘Een aantal zijn?

Het mag allebei.

Meestal wordt bij een aantal de meervoudsvorm gebruikt.
Dat komt logischer over omdat het onderwerp ook in de meervoudsvorm staat.
Bovendien sluit het vaak beter aan bij wat ‘een aantal’ in de praktijk betekent. Namelijk enkele of meerdere.
Zoals gezegd: het enkelvoud is ook juist, maar dan komt de zin formeler over.

Bij HET aantal ligt het anders. In dit geval is alleen enkelvoud toegestaan.

Dit geldt ook voor groepswoorden zoals een groep, bendebergblikbosbupscolonnedromgroep(je)hoeveelheid,hordekluitkluwenkuddeladinglegerlegioenmenigtemeutereeksrij(tje)ritsroedel,schareserieslagsoortstoettroepverzamelingzooi/zootje en zwik.

  • Het aantal geweldsdelicten loopt terug.
  • Een groep ondernemers besluit te investeren.
  • Een zwik huisvrouwen ging naar de stad.
  • Het aantal bejaarden dat op reis ging.
  • Een aantal bejaarden gingen (ging) op reis.

Wat is juist: ‘Hij wil in juni mee naar het concert van Guus Meeuwis’ of ‘Hij wilt mee naar het concert‘?

‘Hij wil in juni naar het concert van Guus Meeuwis’ is goed. Hij wilt is fout. Ook zij wilt is niet goed; het moet zijn:  ‘Zij wil in juni naar het concert‘.

Willen is bijna regelmatig in de tegenwoordige tijd, maar de derde persoon enkelvoud is een uitzondering. Anders dan bij bijna alle andere werkwoorden geldt de regel stam + t hier niet. Het is dus hij wilzij wilSophie wilhet Nederlandse volk wil, niemand wil, wie wil, enzovoort.

Meer voorbeelden:

    • Hij wil alleen maar Hollandse kost.
    • Wil zij echt gaan fietsen in Patagonië.
    • Sophie wil het liefst met rust gelaten worden.
    • Niemand weet wat het Nederlandse volk wil.
    • Wie wil er mee naar het concert van Guus Meeuwis?

    De vorm wilt past alleen bij jij/je en bij u: ‘Jij wilt vast nog wel wat’, ‘alles wat je wil’, ‘U wilt toch ook gelukkig zijn?’

    Bron: Onze Taal